-
Maçonnelogie 43           VM 2017 nr. 3

TRADITIE EN TAFELWETTEN

Als Abraham de Mist [1749-1823] in 1766 in Leiden rechten gaat studeren, treedt hij ook toe tot Loge ‘La Vertu’ Hij is een geboren leider. Op 19 december 1767 wordt hij met zijn 18 jaar levenservaring voorzittend meester, met als taak om orde in de chaos te scheppen. Over de situatie bij La Vertu schrijft hij: “In ’t einde des jaars 1767 – gemene stijl – De tempel der Loge vervallen -  De bbr\ verstroyd en de koninklijke kunst aan ’t quynen zijnde, eenige Broederen wiens vuur nog niet ten eenen male was uitgebluscht, waaronder ook ik, op middelen bedacht wierden, om dit gebouw weer onder de puynhopen op te delven en door verdubbelden ijver luyster aan ’t zelve te geven.”

Hij laat er geen gras over groeien. Om de orde te herstellen stelt hij nieuwe bijzondere wetten in. Niet meer alleen in het Frans, maar ook in het Nederlands, zodat niemand kan zeggen dat hij er niet van wist. Tot die wetten behoren de Tafelwetten. Als hij in 1770 in Kampen loge Le Profond Silence opricht, worden dat ook de tafelwetten van die loge. Die worden daar nog altijd in de taal van toen bij elk broedermaal voorgelezen, want traditie hoort bij de vrijmetselarij. Het eerste artikel luidt: “Aan de Tafelloge zal het den Broederen vrijstaan zich onderling met elkander te onderhouden, doch zonder veel gerucht, luidruchtigheid of brooddronkenheid aan te richten, of onbetamelijke woorden te gebruiken.”

Ik begrijp dat vrijmetselaren hechten aan traditie en dat voor hen de taal van toen daarvoor symbool staat. Het zou het tijdloze karakter van onze rituelen aangeven. Maar wat De Mist in de 18 eeuw schrijft, wordt juist ingegeven door de omstandigheden van dat moment. Het is een stelletje corpsballen daar aan tafel: kroegtaal, zuipgedrag, feuten pesten, wedstrijdje kaarsen uitpissen. Dat is niet de vrijmetselarij van deugd en discipline die De Mist voor ogen staat. Dus stelt hij regels in een taal die iedereen verstaat. Het is geen traditie, het is communicatie. Nu de tafelwetten van De Mist voorlezen is traditie en geen communicatie. Zouden tafelwetten nu moeten communiceren, zouden ze in de taal en stijl van nu moeten staan:
1.     Praat vrij met elkaar, maar op bescheiden toon en in beschaafde taal.
2.     Geef met de drieslag aan de opziener van je kolom aan dat je het woord wilt          richten tot de loge en wacht met spreken tot je toestemming hebt gekregen            van de Achtbare.
3.     Vraag niet meer dan twee keer het woord om een conditie in te stellen.
4.     Drink wat door de hof- en keldermeester wordt geschonken.
5.     Vul niet het kanon van een medebroeder als hij dat niet wil.
6.     Drink niet zoveel dat je de controle over je gedrag verliest. Wie te ver gaat            loopt het risico op een openbare berisping van de Achtbare en een taxirit op          eigen kosten naar huis.  
7.     Speel geen spelletjes ten koste van een ander of op je telefoon
8.     Vind wat bindt en mijd wat scheidt.
9.     Houd je zelf aan de regels, maar kapittel niet de ander. De enigen die dat                mogen zijn de Achtbare, zijn Opzieners en het Geweten van de Loge.
10.   Ook als de tafelloge is gesloten en de Achtbare is vertrokken blijven de                  regels van kracht. De oudste aanwezige officier vervult dan de functie van            Achtbare.  

Website Builder
mogelijk gemaakt
door Vistaprint